Kanker
Meest voorkomende vorm van kanker bij vrouwen | Meest voorkomende vorm van kanker bij vrouwen |
|
|
|
|
Borstkanker is de meest voorkomende vorm van kanker bij vrouwen, al komt het sporadisch ook bij mannen voor. Onder vrouwen van 30 tot 59 jaar is het één van de belangrijkste doodsoorzaken. Het aantal nieuwe gevallen dat zich jaarlijks voordoet en de sterfte zijn in Nederland hoog, ook internationaal gezien. Het totaal aantal vrouwen dat op 1 januari 2002 in leven was en in de 10 jaar daaraan voorafgaand borstkanker heeft gekregen wordt geschat op 76.000 (9,3 per 1.000 vrouwen). In 2003 was het aantal nieuwe gevallen van borstkanker bij vrouwen 11.687 (1,43 per 1.000 vrouwen). Van de vrouwen bij wie in 2003 borstkanker werd vastgesteld had 6% al kanker in de andere borst gehad. In 2004 overleden 3.315 vrouwen aan borstkanker.
Aantal nieuwe gevallen stabiliseert In de periode 1989-1994 is het aantal nieuwe gevallen van borstkanker toegenomen. Gecorrigeerd voor de omvang en de leeftijdsopbouw van de bevolking bedroeg deze toename 21%. Tussen 1994 en 1999 bleef het aantal nieuwe gevallen vrijwel constant en vanaf 1999 ligt dit aantal op een hoger niveau. De sterfte aan borstkanker is in de periode 1979-1994 gelijk gebleven, en vanaf 1994 afgenomen. Screening beïnvloedt de trend in het aantal nieuwe gevallen
De toename tot 1994 van het aantal nieuwe gevallen van borstkanker is onder meer het gevolg van de invoering van het bevolkingsonderzoek. Hierdoor zijn meer gevallen aan het licht gekomen. Doordat een groot deel van de langzaam groeiende tumoren in de eerste ronde van het bevolkingsonderzoek is ontdekt, heeft het aantal nieuwe gevallen zich na 1994 gestabiliseerd. Het feit dat de incidentie vanaf 1999 op een hoger niveau ligt is waarschijnlijk het gevolg van uitbreiding van het bevolkingsonderzoek op borstkanker met vrouwen tussen de 70 en 75 jaar. Tot dan toe werden alleen vrouwen van 50 tot 69 jaar uitgenodigd om deel te nemen aan het onderzoek. Dat de sterfte sinds 1979 niet toeneemt en sinds 1994 iets daalt, is voor een groot deel te danken aan de invoering van het bevolkingsonderzoek op borstkanker. Hierdoor wordt borstkanker in een eerder stadium omtdekt. De daling heeft daarnaast te maken met betere voorlichting over vroege symptomen en aan verbeteringen in diagnostiek en behandeling. Stijging borstkanker verwacht door toename risicofactoren Het aantal vrouwen dat is blootgesteld aan factoren die het risico van borstkanker verhogen neemt toe. Het gaat hierbij om de volgende risicofactoren: eerste menstruatie op jongere leeftijd, geboorte van het eerste kind op latere leeftijd, afnemend kindertal, toename in het gebruik van orale anticonceptie. Andere risicofactoren zijn alcoholconsumptie, lichamelijke inactiviteit en ernstig overgewicht. Nu de screening op borstkanker volledig is ingevoerd (in 1997), zal het aantal ontdekte nieuwe gevallen van borstkanker niet verder stijgen. Dat meer vrouwen te maken krijgen met de genoemde risicofactoren die samenhangen met de voortplanting, zal echter een ongunstig effect hebben op het aantal nieuwe gevallen van borstkanker. Het 'netto'-effect van deze ontwikkelingen is moeilijk te voorspellen.(Bron: Nationaal Kompas Volksgezondheid) |